ECLI:NL:CRVB:2006:AX8741
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.G. Kasdorp
- H.R. Geerling-Brouwer
- C.P.J. Goorden
- Rechtspraak.nl
Afwijzing erkenning blijvende invaliditeit burger-oorlogsslachtoffer volgens WUBO
Appellant, geboren in 1936 in het voormalige Nederlands-Indië, verzocht meerdere malen om erkenning als burger-oorlogsslachtoffer en toekenning van een toeslag en voorzieningen op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (WUBO). Verweerster, de Pensioen- en Uitkeringsraad, wees deze verzoeken af omdat uit medisch onderzoek en adviezen bleek dat appellant geen blijvende invaliditeit had als gevolg van oorlogsgeweld.
Na eerdere afwijzingen in 1992, 2001 en 2004, waarbij onder meer medische adviezen van geneeskundig adviseurs en informatie van de huisarts werden betrokken, diende appellant opnieuw een verzoek in. Dit werd eveneens afgewezen omdat geen nieuwe medische feiten of verslechteringen waren vastgesteld die tot een andere beoordeling konden leiden.
De Raad overwoog dat appellant kort voor de laatste aanvraag al uitgebreid medisch onderzocht was en dat geen relevante wijziging in zijn psychische of lichamelijke toestand was gebleken. Ook het ontbreken van een nieuwe medische verklaring ondersteunde de afwijzing. Het beroep van appellant werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard wegens ontbreken van blijvende invaliditeit in de zin van de WUBO.