ECLI:NL:CRVB:2006:AX8670
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.G. Kasdorp
- H.R. Geerling-Brouwer
- C.P.J. Goorden
- Rechtspraak.nl
Weigering erkenning burger-oorlogsslachtoffer wegens ontbreken blijvende invaliditeit
Appellante heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Pensioen- en Uitkeringsraad waarin haar verzoek om een WUBO-uitkering is geweigerd. De Raad erkende de seksuele intimidatie door een Japanner tijdens de Japanse bezetting als calamiteit, maar stelde dat appellante niet voldeed aan het vereiste van blijvende invaliditeit door lichamelijk en/of psychisch letsel.
Op basis van medisch onderzoek van arts J. Hansma concludeerde de genees-kundig adviseur dat de lichamelijke klachten van appellante niet aan de oorlogsomstandigheden gerelateerd zijn en dat de psychische klachten, hoewel erkend, niet zodanig zijn dat sprake is van invaliditeit in de zin van de Wet. Appellante bracht geen tegenstrijdige medische gegevens in en betwistte het standpunt van verweerster zonder onderbouwing.
De Raad vond geen aanleiding om het standpunt van verweerster onjuist te achten en concludeerde dat de nachtmerries van appellante niet frequent genoeg zijn om een beperking in het dagelijks functioneren aan te tonen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. De Raad zag geen grond om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van blijvende invaliditeit door de calamiteit.