ECLI:NL:CRVB:2006:AX8421
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet ongegrond wegens niet tijdige betaling griffierecht bij hoger beroep bestuursrecht
Opposant heeft hoger beroep ingesteld tegen het uitblijven van een uitspraak van de rechtbank Groningen, maar dit hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard vanwege het niet tijdig betalen van het griffierecht van €103. Tegen deze niet-ontvankelijkverklaring is opposant in verzet gekomen.
Tijdens de zitting op 20 december 2005 waren partijen niet aanwezig. De Raad overweegt dat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn is voldaan, ondanks aanmaningen per aangetekende brief. Er is geen bewijs geleverd van betalingsonmacht of een relevante cumulatie van griffierechten die tot vrijstelling zou kunnen leiden.
De Raad benadrukt dat artikel 22 van Pro de Beroepswet dwingend recht is en dat het niet voldoen aan het griffierecht geen vrijstelling toestaat. Bovendien belemmert het betalen van griffierecht de toegang tot de rechter niet wezenlijk. Op grond hiervan verklaart de Raad het verzet ongegrond en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard vanwege niet tijdige betaling van het griffierecht.