ECLI:NL:CRVB:2006:AW4222
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- J.W. Schuttel
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Vernietiging WAO-besluit wegens ontbreken hoorzitting voorafgaand aan intrekking uitkering
De appellant, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv), had de WAO-uitkering van gedaagde ingetrokken wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. Gedaagde maakte bezwaar tegen dit besluit en stelde dat in de bezwaarprocedure onzorgvuldig was gehandeld, onder meer omdat geen hoorzitting was gehouden en de medische beoordeling onvoldoende was voorbereid.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit vanwege een fundamenteel gebrek in de totstandkoming, met name het ontbreken van een hoorzitting en onvoldoende medische voorbereiding. De Raad van Beroep herzag dit oordeel en stelde vast dat de medische bezwaren wel degelijk aan een bezwaarverzekeringsarts waren voorgelegd en dat het besluit zorgvuldig was voorbereid.
Echter oordeelde de Raad dat het afzien van een hoorzitting onrechtmatig was, omdat de uitnodiging niet correct was verzonden en niet vaststond dat gedaagde geen gebruik wilde maken van zijn recht om gehoord te worden. Daarom werd het bestreden besluit vernietigd en werd appellant opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de wettelijke vereisten, waaronder het houden van een hoorzitting.
Tot slot veroordeelde de Raad appellant in de proceskosten van gedaagde voor de verleende rechtsbijstand in hoger beroep.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot intrekking van de WAO-uitkering wordt vernietigd vanwege het ontbreken van een hoorzitting.