ECLI:NL:CRVB:2006:AV6426
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening afgewezen wegens ontbreken spoedeisend belang bij schorsing ontslag ambtenaar politie
Gedaagde was sinds 1994 in dienst bij de politieregio en werkte als Senior Medewerker Vreemdelingen. Vanaf 1999 kampte hij met oog- en hoofdpijnklachten, wat leidde tot ziekteverzuim. Na meerdere medische beoordelingen werd gedaagde in 2003 geschorst en ontslagen wegens vermeende werkweigering. De rechtbank vernietigde het ontslagbesluit omdat onvoldoende vaststond dat gedaagde verwijtbaar zijn werk niet had hervat, mede gelet op een diagnose van clusterhoofdpijn.
Verzoeker, de korpsbeheerder, stelde dat het ontslagbesluit in hoger beroep niet in stand zou blijven en verzocht om een voorlopige voorziening om de uitspraak van de rechtbank te schorsen, omdat het herstel van het dienstverband ongewenst zou zijn vanwege het verloren vertrouwen.
De voorzieningenrechter overwoog dat het enkele feit dat het hoger beroep kansrijk is, geen spoedeisend belang oplevert. Gedaagde wenste zijn werkzaamheden nog niet te hervatten zonder nader medisch onderzoek, wat ook door verzoeker werd erkend als noodzakelijk. Daarom was er geen reden om de uitspraak te schorsen. Het verzoek werd afgewezen en verzoeker werd veroordeeld in de proceskosten van gedaagde.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening tot schorsing van het ontslagbesluit werd afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.