ECLI:NL:CRVB:2006:AV1968
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Vernietiging WAZ-uitkeringsbesluit wegens onzorgvuldig medisch onderzoek
Appellante, een voormalig zelfstandig ondernemer met arbeidsongeschiktheid sinds 1996, kreeg haar WAZ-uitkering ingetrokken door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) op basis van medisch en arbeidskundig onderzoek. Na bezwaar en een eerste uitspraak van de rechtbank Maastricht, stelde appellante hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelt dat het medisch onderzoek waarop het intrekkingsbesluit is gebaseerd onzorgvuldig is uitgevoerd. Zo is onvoldoende rekening gehouden met bestaande artrose en zijn relevante medische onderzoeken niet betrokken. Ook is de arbeidskundige onderbouwing gebrekkig omdat onvoldoende actuele functies zijn gebruikt voor de schatting van de mate van arbeidsongeschiktheid.
Daarom verklaart de Raad het beroep gegrond, vernietigt de bestreden besluiten en beveelt het Uwv een nieuw besluit op bezwaar te nemen met inachtneming van de overwegingen. Tevens wordt het Uwv veroordeeld tot betaling van proceskosten aan appellante, terwijl het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot intrekking van de WAZ-uitkering wordt vernietigd en het Uwv dient een nieuw besluit op bezwaar te nemen.