ECLI:NL:CRVB:2005:AU8984
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na medische herbeoordeling en functietoetsing
Appellant, arbeidsongeschikt verklaard sinds 1993 wegens rug- en psychische klachten, kreeg zijn WAO-uitkering ingetrokken per 16 september 2001 na een herbeoordeling door verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen. Deze stelden vast dat appellant geschikt was voor rugsparend werk binnen bepaalde beperkingen.
Appellant maakte bezwaar en voerde aan dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn medische beperkingen, ondersteund door rapporten van psychiaters. Een onafhankelijke deskundige concludeerde echter dat appellant in staat was tot algemeen geaccepteerde arbeid binnen de vastgestelde beperkingen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel, stellende dat de medische en arbeidskundige beoordelingen voldoende onderbouwd waren en dat de aangewezen functies passend waren. Nieuwe rapporten boden geen aanleiding tot een ander oordeel.
De Raad wees ook een proceskostenveroordeling af en benadrukte dat het reïntegratierapport niet relevant was voor de gezondheidstoestand op de peildatum.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd omdat appellant geschikt is voor passende arbeid binnen zijn beperkingen.