ECLI:NL:CRVB:2005:AU8210
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen weigering WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid onder 15%
De zaak betreft een geschil over de toekenning van een WAO-uitkering aan gedaagde. Het UWV (voorheen Lisv) weigerde aanvankelijk de uitkering toe te kennen omdat gedaagde minder dan 15% arbeidsongeschikt werd geacht per 1 maart 1999. Na bezwaar kende het UWV alsnog een uitkering toe met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 15 tot 25%.
De rechtbank vernietigde dit besluit en oordeelde dat de functies waarop de arbeidsongeschiktheid was gebaseerd niet meer passend waren, waardoor het besluit niet in stand kon blijven. Het UWV stelde in hoger beroep dat de functies onverkort aanwezig waren op de arbeidsmarkt, onderbouwd met een historisch Fis-bestand en een rapport van een arbeidsdeskundige.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het UWV met de nieuwe stukken aannemelijk had gemaakt dat de functies inderdaad aanwezig waren en dat de mate van arbeidsongeschiktheid van 15 tot 25% terecht was vastgesteld. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van gedaagde ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep van het UWV wordt gegrond verklaard en het beroep van gedaagde wordt ongegrond verklaard, waardoor de WAO-uitkering vanaf 1 maart 1999 wordt toegekend.