ECLI:NL:CRVB:2005:AU7812
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.G.M. Simons
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Onvoldoende financiële tegemoetkoming voor individueel taxivervoer gehandicapte
Appellante, beperkt in haar mobiliteit, ontving van de gemeente Brunssum een financiële tegemoetkoming voor individueel taxivervoer van €860,37 per jaar, waarmee zij circa 520 kilometer kan reizen. Deze tegemoetkoming verving het eerdere collectief aanvullend vervoer (CAV), dat werd vervangen door collectief vraagafhankelijk vervoer (CVV), dat appellante niet kan gebruiken vanwege haar specifieke vervoersbehoefte.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen de weigering van een hogere tegemoetkoming ongegrond, waarbij zij het vastgestelde bedrag als uitgangspunt nam en alleen de hardheidsclausule beoordeelde. De Raad oordeelt echter dat de rechtbank hiermee tekort is geschoten, omdat de hoogte van het forfaitaire bedrag zelf getoetst moet worden aan de zorgplicht uit de Wet voorzieningen gehandicapten (Wvg).
De Raad stelt dat een vervoersvoorziening moet voldoen aan de ondergrens van ongeveer 1500 tot 2000 kilometer per jaar om deelname aan het maatschappelijk verkeer in aanvaardbare mate mogelijk te maken. De toegekende tegemoetkoming van 520 kilometer voldoet hier niet aan en is daarmee niet verantwoord in de zin van de Wvg. De Raad vernietigt het besluit en beveelt de gemeente een nieuw besluit te nemen, waarbij rekening moet worden gehouden met de specifieke vervoersbehoefte van appellante.
Daarnaast veroordeelt de Raad de gemeente in de proceskosten en in de vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van 26 februari 2002 wordt vernietigd en de gemeente dient een nieuw besluit te nemen met een hogere financiële tegemoetkoming passend bij de vervoersbehoefte van appellante.