ECLI:NL:CRVB:2005:AU6508
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering terug te komen op eerdere besluiten inzake arbeidsongeschiktheidsuitkering
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV om niet terug te komen op eerdere besluiten uit 1969 en 1993 betreffende haar arbeidsongeschiktheidsuitkering. De Raad heeft vastgesteld dat de eerdere besluiten onherroepelijk zijn en dat er geen nieuwe feiten of omstandigheden zijn aangevoerd die een herziening rechtvaardigen.
De zaak betreft een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW) en de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO). Het geschil spitst zich toe op de vraag of de arbeidsongeschiktheid van appellante eerder dan 1 januari 1971 is ingetreden en of terugwerkende kracht kan worden verleend.
De Raad oordeelt dat de uitspraak van 1998, waarin werd vastgesteld dat onvoldoende bewijs bestond voor een latere ingangsdatum van arbeidsongeschiktheid, geen nieuw feit is in de zin van artikel 4:6 Awb Pro. Verder zijn geen nieuwe medische stukken of andere omstandigheden overgelegd die een herziening kunnen rechtvaardigen.
Op grond van artikel 4:6 Awb Pro kan het bestuursorgaan de aanvraag afwijzen zonder toepassing van artikel 4:5 Awb Pro wanneer geen nieuwe feiten zijn aangevoerd. De Raad bevestigt dat het UWV bevoegd was om het verzoek af te wijzen en dat de rechtbank dit oordeel terecht onderschrijft.
De Raad ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en bevestigt het bestreden besluit. De procedure werd behandeld op 7 oktober 2005 en het arrest is uitgesproken op 18 november 2005.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van het UWV om terug te komen op eerdere besluiten wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.