ECLI:NL:CRVB:2005:AU4538
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- Rechtspraak.nl
Toekenning hogere AOW-uitkering met terugwerkende kracht en vergoeding wettelijke rente
Appellante stelde hoger beroep in tegen een besluit van de Sociale verzekeringsbank waarin haar AOW-uitkering niet correct was vastgesteld. De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard, maar gedaagde nam een nieuw standpunt in en verhoogde de AOW-uitkering met terugwerkende kracht tot 1 juli 1994.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het nieuwe besluit van gedaagde het eerdere standpunt vervangt en dat appellante belang heeft bij handhaving van het hoger beroep. De Raad vernietigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en verklaarde het beroep gegrond.
Daarnaast werd de Sociale verzekeringsbank veroordeeld tot betaling van wettelijke rente over het na te betalen pensioen en tot vergoeding van het betaalde griffierecht. De Raad verwees voor de berekening van de rente naar eerdere jurisprudentie en bepaalde dat gedaagde hierover een afzonderlijk besluit zal nemen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank worden vernietigd, en appellante ontvangt een hogere AOW-uitkering met terugwerkende kracht inclusief rentevergoeding.