ECLI:NL:CRVB:2005:AU4233
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstandsuitkering wegens niet verschijnen medische keuring
Appellant ontving een bijstandsuitkering en was vrijgesteld van arbeidsinschakeling vanwege arbeidsongeschiktheid. In het kader van een periodiek heronderzoek werd appellant opgeroepen voor een medische keuring op 29 mei 2002 en later op 17 juni 2002, maar hij verscheen niet op beide data. Na de eerste keer werd het recht op bijstand opgeschort en bij herhaald verzuim ingetrokken per 17 juni 2002.
Appellant stelde dat zijn medische toestand hem verhinderde om te verschijnen, maar kon dit niet voldoende met objectieve en verifieerbare gegevens onderbouwen. De Raad verwierp het beroep en bevestigde dat de intrekking terecht was op grond van artikel 69, vierde lid, van de Algemene bijstandswet.
De Raad oordeelde dat de intrekking met ingang van de opschortingsdatum correct was en dat er geen dringende redenen waren om van intrekking af te zien. Ook werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering wegens niet verschijnen bij de medische keuring wordt bevestigd.