ECLI:NL:CRVB:2005:AU2783
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- J.W. Schuttel
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verlaging WAO-uitkering na remigratie naar Marokko
Appellant, een voormalig assemblagemedewerker die sinds 1993 in Marokko woont, kreeg zijn WAO-uitkering in 2001 verlaagd van 80-100% naar 25-35% arbeidsongeschiktheid. Na bezwaar en beroep heeft het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) het besluit aangepast tot een herziening naar 35-45% arbeidsongeschiktheid.
De Raad beoordeelde de medische rapporten, waaronder die van CNSS-arts Lamouri en verzekeringsarts Cramer, en concludeerde dat de beperkingen van appellant niet waren onderschat. Oudere medische verklaringen van psychiaters en arbeidsdeskundigen werden buiten beschouwing gelaten vanwege hun datum.
De Raad oordeelde dat het beroep tegen het latere besluit ongegrond is, maar verklaarde het beroep tegen het eerdere besluit gegrond en vernietigde dat besluit. Tevens werd het Uwv veroordeeld tot vergoeding van schade en proceskosten. De uitkering werd daarmee herzien naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 18 juni 2002 wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd; het beroep tegen het besluit van 10 februari 2005 wordt ongegrond verklaard.