ECLI:NL:CRVB:2005:AU2549
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- Rechtspraak.nl
Beoordeling arbeidsongeschiktheid en weigering WAO-uitkering na wachttijd
Appellante heeft beroep ingesteld tegen de weigering van een WAO-uitkering na afloop van een wachttijd van 52 weken, omdat zij door het UWV voor minder dan 15% arbeidsongeschikt werd geacht.
De rechtbank had het bezwaar van appellante tegen het besluit van het UWV vernietigd vanwege strijd met het Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten, omdat onvoldoende actuele en passende functies waren gebruikt bij de belastbaarheidsbeoordeling. Het UWV nam daarop een nieuw besluit, dat opnieuw werd aangevochten.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat het hoger beroep van appellante zich beperkt tot het medisch oordeel van de rechtbank en dat dit oordeel niet is onderbouwd met nieuwe medische gegevens. De Raad sluit zich aan bij de rechtbank en oordeelt dat de arbeidskundige beoordeling niet ter discussie staat. Het beroep tegen het nieuwe besluit wordt ongegrond verklaard, waarmee de weigering van de WAO-uitkering definitief wordt bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WAO-uitkering blijft gehandhaafd.