ECLI:NL:CRVB:2005:AU0991
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAZ-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant, voormalig zelfstandig caféhouder, kreeg na een verkeersongeval in 1996 een arbeidsongeschiktheidsuitkering toegekend. Deze werd omgezet in een WAZ-uitkering. Gedaagde trok deze uitkering in per 25 oktober 2000 wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 25%.
De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond en oordeelde dat appellant de geselecteerde functies kon vervullen en daarmee voldoende inkomen kon verdienen. De Centrale Raad van Beroep toetste dit oordeel.
Medisch werd vastgesteld dat de belastbaarheid van appellant niet was overschat en dat er geen nieuwe gegevens waren die dit in twijfel trokken. Psychische beperkingen werden bevestigd door een deskundige psychiater. Arbeidskundig werden drie functies beoordeeld als passend, met voldoende arbeidsplaatsen en loonwaarde, waarbij de markeringen en beperkingen werden geaccepteerd.
De Raad concludeerde dat appellant op de peildatum niet arbeidsongeschikt was in de zin van de WAZ en bevestigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Er was geen aanleiding voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: De intrekking van de WAZ-uitkering wordt bevestigd omdat appellant minder dan 25% arbeidsongeschikt was op de peildatum.