ECLI:NL:CRVB:2005:AT9840
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- Rechtspraak.nl
Herroeping invorderingsbesluit en nieuwe beslissing na betalingsregeling WAO-uitkering
In deze zaak gaat het om een geschil tussen het UWV en een belanghebbende over de terugvordering van een ten onrechte ontvangen WAO-uitkering van € 15.658,90. Het UWV had een besluit genomen tot invordering, maar na het sluiten van een betalingsregeling verklaarde het UWV het bezwaar van belanghebbende niet-ontvankelijk en vervolgens ongegrond. De rechtbank oordeelde dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk was en vernietigde het bestreden besluit voor zover het bezwaar ongegrond werd verklaard.
Het hoger beroep van het UWV richtte zich tegen de proceskostenveroordeling en de beoordeling van de subsidiaire grond door de rechtbank. Het hoger beroep van belanghebbende betwistte het oordeel dat hij geen belang meer had bij inhoudelijke beoordeling, omdat er nog geen overeenstemming was over de betalingsregeling en het bedrag.
De Raad overweegt dat het UWV het invorderingsbesluit niet heeft herroepen nadat de betalingsregeling was geaccepteerd en dat het UWV opnieuw op het bezwaar moet beslissen. De Raad vernietigt het bestreden besluit en veroordeelt het UWV in de proceskosten van € 966,- en de vergoeding van het griffierecht van € 87,-. De zaak wordt verwezen voor een nieuwe beslissing op bezwaar.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het UWV moet opnieuw op het bezwaar beslissen, met veroordeling in proceskosten.