ECLI:NL:CRVB:2005:AT9178
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- J.Th. Wolleswinkel
- J.L.P.G. van Thiel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet verlengen tijdelijke aanstelling wegens ontbreken vaste dienstverbandverplichting
Appellante was tijdelijk aangesteld als medewerker callcentre bij het Arrondissementsparket te Leeuwarden na een werkervaringplaats van zes maanden. Haar tijdelijke aanstelling werd driemaal verlengd, maar bij besluit van 3 juni 2002 werd medegedeeld dat deze niet zou worden omgezet in een vast dienstverband. Het bezwaar hiertegen werd ongegrond verklaard.
De rechtbank oordeelde dat de werkervaringsovereenkomst niet als een aanstelling in de zin van het Algemeen Rijksambtenarenreglement (ARAR) kon worden beschouwd en dat het niet verlengen van de tijdelijke aanstelling niet in strijd was met enig algemeen verbindend voorschrift of rechtsbeginsel.
In hoger beroep stelde appellante dat haar werkzaamheden onder de werkervaringsovereenkomst als loonvormende arbeid binnen een arbeidsverhouding moesten worden gezien, en dat zij op grond van een brief van een personeelsfunctionaris gerechtvaardigd vertrouwen had op voortzetting van haar dienstverband. De Raad oordeelde dat de werkervaringsovereenkomst niet als een arbeidsverhouding kwalificeert, omdat er geen verplichting tot arbeid en geen vergoeding was, en dat de brief geen ondubbelzinnige toezegging inhield.
De Raad bevestigde dat de tijdelijke aanstelling niet als vaste aanstelling is komen te gelden en dat gedaagde niet gehouden was de aanstelling te verlengen of om te zetten. Tevens werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De Raad bevestigt dat de tijdelijke aanstelling niet verlengd hoeft te worden en niet als vaste aanstelling geldt.