ECLI:NL:CRVB:2005:AT7261
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- R.H.M. Roelofs
- J.N.A. Bootsma
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens verzwegen inkomsten als bandlid
Appellante ontving bijstand sinds 1985, die vanaf 1996 onder de Algemene bijstandswet viel. De gemeente Enschede trok haar recht op bijstand in voor de periode van september 1996 tot en met december 1998 vanwege verzwegen inkomsten als lid van een muziekband. De rechtbank vernietigde het bezwaarbesluit van de gemeente maar liet de rechtsgevolgen in stand.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de onderzoeksresultaten van de sociale recherche voldoende bewijs leveren dat appellante inkomsten uit optredens heeft ontvangen. De Raad acht de agenda en verklaringen van betrokkenen betrouwbaar en stelt vast dat het recht op bijstand over de gehele periode kan worden vastgesteld.
De Raad wijst erop dat de gemeente een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van de juiste wettelijke grondslagen en dat appellante over een deel van de periode recht heeft op enige aanvullende bijstand. Tevens veroordeelt de Raad de gemeente in de proceskosten en bepaalt dat het betaalde griffierecht wordt vergoed.
Uitkomst: De Raad vernietigt het besluit tot intrekking en terugvordering deels en beveelt een nieuw besluit op bezwaar met inachtneming van de juiste wettelijke grondslagen.