ECLI:NL:CRVB:2005:AT6729
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek tot betaalbaarstelling wachtgeld wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant, voormalig ambtenaar van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, kreeg bij besluit van 20 september 2000 een wachtgelduitkering toegekend, maar deze werd over de periode 1 mei 1999 tot 20 april 2000 op nihil gesteld wegens het ontbreken van inschrijving als werkzoekende bij de Arbeidsvoorzieningsorganisatie. Appellant verzocht later om betaalbaarstelling van dit wachtgeld, wat werd aangemerkt als een verzoek om terug te komen op het eerdere besluit. Dit verzoek werd afgewezen omdat appellant geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden had aangevoerd.
De Raad overwoog dat het verzoek niet als een bezwaarschrift kon worden gezien en dat het eerdere besluit rechtsgeldig was. Appellant voerde aan dat hij door het overlijden van zijn echtgenote in een vacuüm verkeerde, wat leidde tot het niet inschrijven, maar dit werd niet als een nieuw feit erkend. Tevens werd geen medische verklaring overgelegd die het niet kunnen voldoen aan verplichtingen zou onderbouwen.
De Raad concludeerde dat gedaagde bevoegd was het verzoek af te wijzen en dat dit niet in strijd was met geschreven of ongeschreven rechtsregels. De eerdere uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het verzoek tot betaalbaarstelling van wachtgeld wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.