ECLI:NL:CRVB:2005:AT5619
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- R.C. Stam
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Verzekeringsplicht bestuurder zonder aandelen in privaatrechtelijke dienstbetrekking
De zaak betreft een hoger beroep van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam die de correctienota’s en boetenota’s inzake sociale verzekeringspremies over de jaren 1997 tot en met 2000 had herroepen.
De kern van het geschil is of de heer [betrokkene], bestuurder zonder aandelen en stemrecht in de algemene vergadering, in een privaatrechtelijke dienstbetrekking voor de gedaagde werkzaam was en daardoor verplicht verzekerd was voor sociale premies. De rechtbank oordeelde dat er geen gezagsverhouding bestond en verklaarde het beroep van de gedaagde gegrond.
De Centrale Raad van Beroep stelt echter vast dat de bestuurder geen aandelen bezit en geen stemrecht heeft, waardoor in beginsel sprake is van een gezagsverhouding en daarmee van een privaatrechtelijke dienstbetrekking. Er zijn onvoldoende bijzondere omstandigheden gebleken die dit zouden weerleggen. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel met een vergelijkbare situatie bij Vodafone wordt verworpen wegens onvoldoende onderbouwing.
De Raad bevestigt dat de boetenota’s terecht zijn opgelegd, ook de boete voor het jaar 2000 wegens een tweede verzuim. De aangevallen uitspraak wordt vernietigd en het beroep van de gedaagde wordt ongegrond verklaard. Er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de verzekeringsplicht van de bestuurder zonder aandelen en stemrecht en handhaaft de opgelegde boetenota’s.