ECLI:NL:CRVB:2005:AT5580

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
28 april 2005
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
03/3971 WUV
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • C.G. Kasdorp
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:75a AwbArtikel 17 BeroepswetBesluit proceskosten bestuursrecht
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Proceskostenveroordeling na intrekking beroep wegens niet tijdig beslissen bezwaar

Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op een bezwaarschrift door de Pensioen- en Uitkeringsraad. Kort daarna heeft verzoekster het beroep ingetrokken en een verzoek tot proceskostenvergoeding ingediend. Verweerster heeft een verweerschrift ingediend en beide partijen stemden in met afdoening buiten zitting.

De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat door de intrekking van het beroep vanwege de alsnog genomen beslissing op bezwaar sprake is van tegemoetkoming in de zin van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Hierdoor bestaat aanleiding om verweerster te veroordelen in de proceskosten van verzoekster.

De proceskosten worden begroot op € 80,50, rekening houdend met het Besluit proceskosten bestuursrecht en de lichte aard van het beroepschrift tegen een fictieve weigering. De Raad veroordeelt de Pensioen- en Uitkeringsraad tot betaling van dit bedrag. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Uitkomst: De Pensioen- en Uitkeringsraad wordt veroordeeld tot betaling van € 80,50 aan proceskosten.

Uitspraak

E N K E L V O U D I G E K A M E R
03/3971 WUV
U I T S P R A A K
met toepassing van artikel 17 van Pro de Beroepswet in samenhang met artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) inzake de kosten van het geding tussen:
[verzoekster], wonende te [woonplaats], eiseres, thans verzoekster,
en
de Raadskamer WUV van de Pensioen- en Uitkeringsraad, verweerster.
I. INLEIDING
Bij schrijven van 5 augustus 2003 heeft mr. J.P. Dijksman, advocaat te Amsterdam, als gemachtigde van verzoekster bij de Raad beroep ingesteld wegens het niet tijdig door verweerster beslissen op een bezwaarschrift. Op 25 augustus 2003 heeft verzoekster evengenoemd beroep ingetrokken en verzocht om toekenning van proceskostenvergoeding.
Verweerster heeft gebruik gemaakt van de gelegenheid een verweerschrift in te dienen.
Elk der partijen heeft, desgevraagd, schriftelijk toestemming verleend voor afdoening buiten zitting.
II. MOTIVERING
Ingevolge het eerste lid van artikel 8:75a van de Awb wordt het verzoek om het bestuursorgaan in de kosten te veroordelen gedaan gelijk met de intrekking van het beroep en wordt het verzoek, indien niet aan dit vereiste is voldaan, niet-ontvankelijk verklaard.
De Raad is van oordeel dat aan bovenbedoeld vereiste is voldaan, nu het verzoek dezelfde dag is ingekomen, als waarop het beroep is ingetrokken. Het verzoek is mitsdien ontvankelijk.
Aangezien het beroep is ingetrokken omdat verweerster alsnog op het bezwaar heeft beslist, is er sprake van tegemoet- koming in de zin van 8:75a van de Awb en bestaat er aanleiding om verweerster te veroordelen in de kosten van verzoekster, welke met inachtneming van het Besluit proceskosten bestuursrecht, gelet op het feit dat het gaat om een beroepschrift tegen een “fictieve weigering” met wegingsfactor “zeer licht” , zijn begroot op € 80,50.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep,
Recht doende:
Veroordeelt verweerster in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag € 80,50, te betalen door de Pensioen- en Uitkeringsraad.
Aldus gegeven door mr. C.G. Kasdorp, in tegenwoordigheid van mr. A.D. Van Dissel-Singhal als griffier, en uitgesproken in het openbaar op 28 april 2005.
(get.) C.G. Kasdorp.
(get) A.D. van Dissel-Singhal.
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.