ECLI:NL:CRVB:2005:AT5552
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- J.Th. Wolleswinkel
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering wachtgeld ondanks correctie salarisgegevens eigen onderneming
Appellant kreeg na ontslag wachtgeld toegekend, maar de Minister van Binnenlandse Zaken vorderde terug wegens te laag in aanmerking genomen inkomsten uit eigen bedrijf over 1997-1999. In hoger beroep betwistte appellant met name de terugvordering over 1998, stellende dat het salaris lager was dan door de Belastingdienst vastgesteld.
De Raad beperkte het geschil tot 1998 en oordeelde dat appellant bij de verrekening terecht rekening is gehouden met het totaal van salaris en tantièmes, dat overeenkomt met het door appellant opgegeven bedrag van 84.000 gulden. Het verlies van de BV werd niet meegenomen omdat negatieve inkomsten niet leiden tot verrekening met wachtgeld.
De Raad concludeerde dat de terugvordering terecht is en wees het hoger beroep af. Tevens werd geen proceskostenvergoeding toegekend. De uitspraak bevestigt dat bij verrekening van wachtgeld het totale inkomen uit arbeid, inclusief tantièmes, bepalend is en verliezen uit onderneming niet in mindering worden gebracht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de terugvordering van wachtgeld over 1998 bevestigd.