ECLI:NL:CRVB:2005:AT5211
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.G. Treffers
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging toekenning WAO-uitkering bij doorlopend arbeidsongeschiktheidsgeval
In deze zaak staat centraal de vraag of de toekenning van een WAO-uitkering aan een werknemer vanaf 19 januari 2000 rechtmatig is, gezien het verloop van zijn arbeidsongeschiktheid. De werknemer meldde zich ziek op 19 januari 1999, vlak voor het aflopen van zijn tijdelijke contract. De arbo-dienst accepteerde de ziekmelding vanwege psychische klachten, met de verwachting van kortdurend herstel. Op 19 februari 1999 raakte de werknemer betrokken bij een verkeersongeval, wat leidde tot bijkomende lichamelijke klachten.
Appellante stelt dat er geen sprake is van een doorlopend arbeidsongeschiktheidsgeval vanaf 19 januari 1999, maar van twee afzonderlijke gevallen, waardoor zij niet als Pemba-werkgever zou worden aangemerkt. Tevens betwist zij de mate van beperkingen die door het Uwv zijn vastgesteld, met name de aanwezigheid van nekklachten en psychische beperkingen.
De Raad oordeelt dat de werknemer vanaf 19 januari 1999 onafgebroken arbeidsongeschikt is geweest, zonder hersteldmelding of -verklaring. Het verkeersongeval op 19 februari 1999 vond plaats binnen het lopende ziektegeval, waardoor sprake is van een doorlopend arbeidsongeschiktheidsgeval. De medische rapporten bevestigen de aanwezigheid van nekklachten en psychische beperkingen, terwijl de tegenrapportage onvoldoende objectieve onderbouwing biedt. De Raad wijst de grieven van appellante af en bevestigt het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de toekenning van de WAO-uitkering wegens een doorlopend arbeidsongeschiktheidsgeval vanaf 19 januari 1999.