ECLI:NL:CRVB:2005:AT4802
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen informatieve brief over vrijstelling sollicitatieplicht WW
Appellante was werkloos geworden na het faillissement van haar werkgever en ontving een WW-uitkering. Het UWV stuurde haar een brief waarin werd medegedeeld dat de vrijstelling van de sollicitatieplicht voor werknemers van 57,5 jaar en ouder per 1 januari 2004 werd ingetrokken. Appellante was het hier niet mee eens en stuurde een brief waarin zij bezwaar maakte tegen de toepassing van deze regeling op haar.
Het UWV verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk omdat de brief van december 2003 geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht was, maar slechts een informatieve mededeling. De rechtbank bevestigde dit standpunt en verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep het oordeel van de rechtbank bevestigd. De Raad overwoog dat de brief geen rechtsgevolg had en alleen algemene informatie gaf over de sollicitatieplicht en de rol van het UWV en het Centrum voor Werk en Inkomen. Hierdoor kon het bezwaar niet ontvankelijk worden verklaard en werd het bestreden besluit gehandhaafd.
Uitkomst: Bezwaar tegen informatieve brief over intrekking vrijstelling sollicitatieplicht WW wordt niet-ontvankelijk verklaard en bestreden besluit bevestigd.