ECLI:NL:CRVB:2005:AT4549
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- R. Kooper
- F.J.L. Pennings
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens ongeschiktheid medewerker Reinigings- en Havendienst gemeente Utrecht
Appellant was sinds 1997 werkzaam als medewerker bij de Reinigings- en Havendienst van de gemeente Utrecht. Tijdens zijn dienstverband werd hij meerdere keren beoordeeld, waarbij zijn functioneren vaak als onvoldoende werd aangemerkt. Ondanks enkele verbeteringen voldeed hij niet aan de gestelde eisen. Na een derde onvoldoende beoordeling in mei 2001 werd hij in april 2002 ontslagen wegens ongeschiktheid anders dan ziekte.
Appellant maakte bezwaar tegen het ontslagbesluit, maar dit werd ongegrond verklaard. De rechtbank bevestigde dit besluit, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad overwoog dat appellant niet had aangetoond dat zijn taalgebrek hem verhinderde bezwaar te maken tegen de beoordelingen. Ook was er geen bewijs dat zijn enkelblessure invloed had op zijn functioneren.
De Raad onderschreef de overwegingen van de rechtbank dat appellant ongeschikt was voor zijn functie, mede vanwege het herhaaldelijk onvoldoende functioneren en het niet structureel verbeteren ondanks waarschuwingen. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en wees een vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: Het ontslag wegens ongeschiktheid anders dan ziekte wordt bevestigd.