ECLI:NL:CRVB:2005:AT3880
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit over ingangsdatum recht op kinderbijslag met beperkte terugwerkende kracht
De appellant, woonachtig in Marokko, heeft kinderbijslag aangevraagd voor zijn in Marokko woonachtige kinderen met terugwerkende kracht. Hij stelde dat hij al sinds 1985 recht had op een arbeidsongeschiktheidsuitkering en dat er sprake was van een bijzonder geval waardoor kinderbijslag langer dan één jaar terugwerkend toegekend moest worden.
De Sociale verzekeringsbank kende kinderbijslag toe met terugwerkende kracht van één jaar, maar verklaarde het bezwaar tegen de ingangsdatum ongegrond. De rechtbank Amsterdam bevestigde dit oordeel. In hoger beroep voerde appellant aan dat hij meerdere keren eerder kinderbijslag had aangevraagd en dat hij zijn rechten had veiliggesteld, maar kon dit niet aannemelijk maken.
De Raad oordeelde dat appellant niet had aangetoond dat hij de Sociale verzekeringsbank tijdig had geïnformeerd over zijn aanspraken en dat het beleid omtrent het begrip 'bijzonder geval' vereist dat een aanvraag en voldoende informatie vooraf zijn gedaan. Daarom kon geen langere terugwerkende kracht worden toegekend dan één jaar.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde het bestreden besluit en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit tot toekenning van kinderbijslag met een terugwerkende kracht van één jaar wordt bevestigd.