ECLI:NL:CRVB:2005:AT3361
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzekeringsplicht directeuren werknemersverzekeringen bij privaatrechtelijke dienstbetrekking
Het geschil betreft de vraag of de directeuren van een automatiseringsbedrijf verzekerd zijn voor de werknemersverzekeringen. Het UWV had besloten dat de directeuren vanaf 7 november 2002 in een privaatrechtelijke dienstbetrekking stonden en dus verzekerd waren. De rechtbank verklaarde dit besluit onterecht en vernietigde het.
De Centrale Raad van Beroep stelt vast dat de directeuren een aandelenpakket hielden en dat een holding 55% van de aandelen bezat, waardoor de directeuren tegen hun wil ontslagen konden worden. Echter, op grond van een overeenkomst hadden de directeuren het recht en de plicht om aandelen terug te kopen, waarmee zij de controle konden behouden.
De Raad oordeelt dat de uitleg van de overeenkomst door gedaagde onvoldoende aannemelijk is gemaakt. De overeenkomst omvat niet alleen een optierecht, maar ook een plicht tot terugkoop tegen een hogere prijs, met een uiterste datum voor uitvoering. De Raad concludeert dat de rechtbank ten onrechte het beroep van het UWV gegrond heeft verklaard en vernietigt het vonnis, waarbij het beroep ongegrond wordt verklaard.
Uitkomst: Het beroep van het UWV wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.