ECLI:NL:CRVB:2005:AT3347
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitsluiting bijstandsuitkering wegens weigering passende WIW-voorziening
Appellant ontvangt sinds 1995 een bijstandsuitkering en is actief als kunstenaar. In 2000 is vastgesteld dat de arbeidsverplichtingen uit de Algemene bijstandswet (Abw) op hem van toepassing zijn. Op 16 mei 2000 is hem een passende WIW-voorziening aangeboden, die hij heeft geweigerd. Gedaagde heeft daarop de uitkering voor een maand geweigerd.
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen deze maatregel, maar dit is ongegrond verklaard. De rechtbank heeft het beroep van appellant eveneens afgewezen. In hoger beroep stelt appellant dat de arbeidsverplichtingen niet op hem van toepassing waren, maar de Raad oordeelt dat deze verplichtingen in mei en juni 2000 onverkort golden.
De Raad acht het aanbod passend en wijst het verweer van appellant af dat de arbeid niet zou passen bij zijn opleidingsniveau en kunstenaarschap. Gezien zijn geringe inkomsten uit kunst en langdurige afhankelijkheid van bijstand, mocht van hem een actieve houding worden verwacht. De opgelegde maatregel van een maand volledige weigering van bijstand is in overeenstemming met de regelgeving en wordt bevestigd.
Uitkomst: De uitsluiting van de bijstandsuitkering voor één maand wegens weigering van passende WIW-voorziening wordt bevestigd.