ECLI:NL:CRVB:2005:AT3146
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitsluiting eenmalige uitkering bij vaststelling WAO-dagloon
Appellant stelde in hoger beroep dat bij de vaststelling van zijn WAO-dagloon de eindejaarsuitkering, een eenmalige uitkering op grond van de cao, ten onrechte buiten beschouwing was gelaten. Hij betoogde dat deze uitkering structureel van aard was en daarom bij het dagloon betrokken moest worden.
De Raad overwoog dat de toevoeging van de zinsnede 'alsmede éénmalige uitkeringen' in artikel 1, derde lid, onder d, van de Dagloonregelen WAO, met de toelichting bij het besluit Wijziging dagloonregelen, juist beoogt dergelijke cao-uitkeringen uit te sluiten bij de dagloonvaststelling. De door appellant aangehaalde eerdere uitspraken zijn niet van toepassing omdat deze betrekking hadden op oudere regelgeving zonder deze expliciete uitsluiting.
De Raad concludeerde dat de uitspraak van de rechtbank Utrecht, die het beroep van appellant ongegrond verklaarde, terecht is en bevestigde deze. Er was geen grond om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de eenmalige cao-uitkering niet wordt betrokken bij de vaststelling van het WAO-dagloon.