ECLI:NL:CRVB:2005:AT2129
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- M.M. van der Kade
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Dubbel hoger beroep over kinderbijslag bij verblijf kinderen in buitenland en onderhoudsbijdrage
Belanghebbende heeft kinderbijslag aangevraagd voor zijn kinderen die sinds juli 2001 in Marokko verblijven. De SVB weigerde kinderbijslag over het vierde kwartaal 2000 en het eerste kwartaal 2001 toe te kennen omdat belanghebbende niet kon aantonen dat hij de kinderen in die kwartalen voldoende had onderhouden.
De rechtbank oordeelde dat de betaling van 20.000 Dirham op 27 september 2000 wel toerekenbaar was aan het vierde kwartaal 2000 en verklaarde het beroep gegrond voor dat kwartaal, maar ongegrond voor het eerste kwartaal 2001. De SVB ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Centrale Raad van Beroep vernietigt het vonnis van de rechtbank voor het vierde kwartaal 2000 en oordeelt dat de betaling niet aan dat kwartaal kan worden toegerekend vanwege het systeem van kwartaalsgewijze toekenning van kinderbijslag. Voor het eerste kwartaal 2001 bevestigt de Raad het oordeel van de rechtbank dat belanghebbende onvoldoende bewijs heeft geleverd van de onderhoudsbijdrage.
De Raad benadrukt dat belanghebbende tijdig op de hoogte had kunnen zijn van de voorwaarden voor onderhoudsbijdrage en dat het systeem van peildata strikt moet worden toegepast om rechtsonzekerheid te voorkomen. De SVB moet een nieuwe beslissing nemen over het bezwaar. Het hoger beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Raad vernietigt het besluit over het vierde kwartaal 2000 en bevestigt het besluit over het eerste kwartaal 2001; het hoger beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard.