ECLI:NL:CRVB:2005:AT0126
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- G.L.M.J. Stevens
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek bevordering en post-actief doorwerken vergoeding militair
Appellant, voormalig militair, heeft van 1996 tot 2001 functies vervuld met werkzaamheden op het niveau van luitenant-kolonel en aanvullende taken op het niveau van kolonel. Hij verzocht om bevordering tot kolonel en om een toegekende waarnemingstoelage post-actief te laten doorwerken.
De Staatssecretaris van Defensie kende appellant een vergoeding toe voor werkzaamheden op het niveau van kolonel, maar wees het verzoek tot bevordering en het post-actief doorwerken van de vergoeding af. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat de extra werkzaamheden tijdelijk waren en niet leidden tot een organieke functie of recht op bevordering. Ook was de vergoeding niet als vast onderdeel van het inkomen aan te merken. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het verzoek tot bevordering tot kolonel en het post-actief doorwerken van de vergoeding zijn afgewezen.