ECLI:NL:CRVB:2005:AS3434
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Geen gezagsverhouding bij privaatrechtelijke dienstbetrekking tussen scheepsbouwkundig architect en werkgever
Gedaagde, een scheepsbouwkundig architect, verrichtte werkzaamheden voor [werkgeefster] na een periode van zelfstandigheid en werd door de Belastingdienst als ondernemer aangemerkt. De vraag was of hij onder gezag van [werkgeefster] werkte, wat bepalend is voor verplichte werknemersverzekering.
De Raad concludeerde dat appellant onvoldoende bewijs leverde voor het bestaan van een gezagsverhouding. De werkzaamheden van gedaagde waren specialistisch en maakten geen deel uit van de reguliere bedrijfsactiviteiten van [werkgeefster]. Er was geen aanwijzing dat [werkgeefster] opdrachten gaf of gezag uitoefende.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank Zutphen en veroordeelde appellant tot betaling van proceskosten aan gedaagde. Hiermee is vastgesteld dat geen sprake is van een privaatrechtelijke dienstbetrekking in deze situatie.
Uitkomst: Geen gezagsverhouding vastgesteld; appellant wordt veroordeeld in proceskosten en gedaagde is geen werknemer voor sociale verzekeringen.