ECLI:NL:CRVB:2004:AR8518
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV en toekenning wettelijke rente en proceskosten
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV), dat in de plaats is getreden van het Landelijk instituut sociale verzekeringen (Lisv). Het bestreden besluit dateert van 7 november 2001 en werd door de rechtbank 's-Hertogenbosch bevestigd.
Het UWV heeft vervolgens aangegeven het standpunt uit het bestreden besluit niet langer te handhaven en een nieuwe beslissing op bezwaar genomen. Partijen hebben toestemming gegeven om de behandeling van het hoger beroep zonder zitting te laten plaatsvinden.
De Centrale Raad van Beroep constateert dat het UWV het eerdere standpunt heeft laten vallen en vernietigt daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Tevens wordt appellante een schadevergoeding in de vorm van wettelijke rente toegekend over de na te betalen uitkering, conform vaste jurisprudentie. Daarnaast wordt het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten voor verleende rechtsbijstand in eerste aanleg en hoger beroep, alsmede het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en het UWV veroordeeld tot betaling van wettelijke rente en proceskosten.