ECLI:NL:CRVB:2004:AR7685
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.G. Kasdorp
- G.L.M.J. Stevens
- C.P.J. Goorden
- Rechtspraak.nl
Afwijzing erkenning vervolgings- en burgeroorlogsslachtoffer en weigering periodieke uitkering
Eiser, geboren in 1939 in voormalig Nederlands-Indië, verzocht om erkenning als vervolgingsslachtoffer (WUV) en burgeroorlogsslachtoffer (WUBO) met bijbehorende uitkeringen. De verzoeken werden door verweersters afgewezen omdat niet was aangetoond dat eiser onder de wettelijke definities van vervolging of oorlogsgeweld viel.
De Raad overwoog dat de omstandigheden van eiser tijdens de Japanse bezetting niet voldeden aan het vereiste van vrijheidsberoving door opsluiting met permanente bewaking, zoals vereist voor vervolging onder de WUV. Het verblijf in eigen woning met dagelijkse controles werd als huisarrest beoordeeld, wat niet gelijkgesteld kan worden met vervolging. Ook het vermeende verblijf in kamp Kramat was niet aannemelijk.
Ten aanzien van de WUBO oordeelde de Raad dat onvoldoende was aangetoond dat eiser getroffen was door oorlogsgeweld. De evacuatie naar het RAPWI-opvangcentrum vond niet onder levensbedreigende omstandigheden plaats. De Raad verwierp ook het beroep op de hardheidsclausule van artikel 3, tweede lid, WUV omdat geen concrete omstandigheden werden aangedragen die toepassing rechtvaardigen.
De beroepen werden ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken. De besluiten van verweersters bleven daarmee in stand.
Uitkomst: De beroepen tegen de afwijzing van erkenning als vervolgings- en burgeroorlogsslachtoffer en de weigering van periodieke uitkering zijn ongegrond verklaard.