ECLI:NL:CRVB:2004:AR4476
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij bijzondere bijstand
Appellante heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor kosten van woninginrichting in verband met verhuizing naar een verzorgingstehuis. De gemeente wees de aanvraag aanvankelijk af met het argument dat zij een lening kon aanvragen of de kosten uit haar vermogen kon voldoen. De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond en vernietigde het besluit, waarna de gemeente een nieuw besluit nam waarbij bijstand werd verleend in de vorm van een gift.
Appellante stelde hoger beroep in tegen dit besluit, maar verscheen niet bij de zitting. De Centrale Raad van Beroep concludeerde dat appellante geen procesbelang had bij het hoger beroep, mede omdat de gemeente inmiddels volledig tegemoet was gekomen aan haar verzoek door de bijstand toe te kennen.
Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard. De Raad zag geen aanleiding om appellante in de proceskosten te veroordelen. Hiermee is de kwestie definitief beslecht en is de verleende bijstand in de vorm van een gift van f 5.267,60 onherroepelijk geworden.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.