ECLI:NL:CRVB:2004:AR3604
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor verhuiskosten wegens onvoldoende bijzondere omstandigheden
Appellante verzocht bijzondere bijstand voor kosten van verhuizing, eerste huur, waarborg, opknapkosten en woninginrichting. Het College van burgemeester en wethouders van Eindhoven wees dit verzoek af omdat niet was gebleken dat de verhuizing noodzakelijk was vanwege bijzondere omstandigheden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep stelde appellante dat de verhuizing noodzakelijk was vanwege bedreigingen door buren en achterstallig onderhoud aan haar woning. De Raad stelde vast dat appellante deze bedreigingen niet met objectieve en verifieerbare gegevens had onderbouwd, zoals recente politierapporten of een schriftelijk verhuisadvies.
Ook het achterstallig onderhoud was onvoldoende onderbouwd, aangezien er een vonnis van de kantonrechter was dat mogelijkheden bood om het onderhoud af te dwingen en appellante niet tijdig actie had ondernomen. De Raad oordeelde dat de kosten niet als noodzakelijke kosten in de zin van artikel 39, eerste lid, van de Algemene bijstandswet konden worden aangemerkt.
Daarom bevestigde de Centrale Raad van Beroep het bestreden besluit en zag geen aanleiding tot toewijzing van proceskosten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van bijzondere bijstand wegens onvoldoende aantoonbare bijzondere omstandigheden voor de verhuizing.