ECLI:NL:CRVB:2004:AQ8676
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- R.M. van Male
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering renteloze lening bijzondere bijstand voor herinrichtingskosten
Appellante heeft in 1996 bijzondere bijstand aangevraagd voor herinrichtingskosten en ontving een renteloze lening van f 2.900,-. Zij tekende een verklaring waarin zij erkende dit bedrag verschuldigd te zijn aan de Dienst Welzijn. De gemeente vorderde later dit bedrag terug omdat appellante niet aan haar betalingsverplichting voldeed.
Appellante voerde in bezwaar en beroep aan dat zij niet gehouden was tot terugbetaling, maar zowel de rechtbank als de Centrale Raad van Beroep oordeelden dat het bedrag onmiskenbaar als lening was verstrekt en dat terugvordering op grond van artikel 83 van Pro de Algemene bijstandswet verplicht was. Er waren geen dringende redenen om van terugvordering af te zien.
De Raad verwierp ook het verweer van appellante over verrekening van een eventuele tegenvordering. De wijze van invordering stond niet ter beoordeling. De Raad bevestigde het besluit tot terugvordering en zag geen grond voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De uitspraak bevestigt dat bijzondere bijstand in de vorm van een lening strikt teruggevorderd moet worden indien de verplichtingen niet worden nagekomen, en benadrukt het belang van duidelijke afspraken en naleving daarvan door de belanghebbende.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van de renteloze lening van f 2.900,- wegens niet-nakoming van de terugbetalingsverplichting.