ECLI:NL:CRVB:2004:AQ7427
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering kinderbijslag wegens niet voldoen aan onderhoudseis en huishoudingeis
Appellant, woonachtig in Nederland en sinds 1996 Nederlander, ontving tot het eerste kwartaal 1999 kinderbijslag voor zijn kinderen die in Marokko verbleven bij zijn echtgenote. De Sociale Verzekeringsbank (SVB) stelde dat de kinderen tot het huishouden van appellant behoorden, waardoor hij niet aan de onderhoudseis hoefde te voldoen. Later werd kinderbijslag geweigerd vanaf het tweede kwartaal 1999 omdat appellant niet kon aantonen een huishouden te vormen en geen aantoonbare bijdrage leverde.
Na bezwaar en beroep is de kinderbijslag tijdelijk toegekend uit zorgvuldigheidsoogpunt, maar uiteindelijk geweigerd vanaf het eerste kwartaal 2000 en definitief vanaf het eerste kwartaal 2001. Appellant voerde aan niet tijdig op de hoogte te zijn gesteld van aangescherpt beleid, maar de Raad oordeelde dat de beleidswijzigingen voldoende bekend waren gemaakt via publicatie in de Staatscourant en terinzagelegging.
De Raad bevestigde dat het nieuwe beleid, dat vereist dat men ingezetene is van het land van herkomst en feitelijk meer dan drie maanden per jaar daar verblijft om een huishouden te vormen, correct is toegepast. Appellant voldoet niet aan deze voorwaarden en erkent niet aan de onderhoudseis te voldoen. Daarom is de weigering van kinderbijslag terecht. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en er is geen aanleiding voor toepassing van bijzondere bestuursrechtelijke bepalingen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van kinderbijslag omdat appellant niet voldoet aan de onderhoudseis en niet wordt geacht een huishouden te vormen met zijn gezin in Marokko.