ECLI:NL:CRVB:2004:AQ7384
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Weigering WAZ-uitkering wegens minder dan 25% arbeidsongeschiktheid
Betrokkene, voormalig zelfstandig ondernemer, vroeg een WAZ-uitkering aan wegens arbeidsongeschiktheid. Het UWV weigerde deze omdat hij minder dan 25% arbeidsongeschikt zou zijn. De rechtbank Dordrecht vernietigde dit besluit vanwege onjuiste toepassing van artikel 8 WAZ Pro bij de vaststelling van de grondslag voor de uitkering.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de rechtbank de begrippen grondslag en maatmaninkomen heeft verward en dat het UWV de berekening van het maatmaninkomen correct heeft toegepast volgens jurisprudentie van de AAW. De Raad stelt vast dat de rechtbank het besluit ten onrechte heeft vernietigd zonder inhoudelijke beoordeling van medische en arbeidskundige grieven.
De zaak wordt terugverwezen naar de rechtbank Dordrecht voor een nieuwe beoordeling, waarbij ook een gewijzigde opvatting van betrokkene over de ingangsdatum van zijn arbeidsongeschiktheid moet worden meegenomen. De Raad wijst het beroep van het UWV toe en vernietigt het vonnis van de rechtbank.
Uitkomst: De Centrale Raad vernietigt het vonnis van de rechtbank en wijst de zaak terug voor herbeoordeling.