ECLI:NL:CRVB:2004:AQ7016
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens niet voldoen aan woonvereiste artikel 91 AAW
Appellante heeft in 2000 een aanvraag ingediend voor een uitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong). Deze aanvraag werd door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) geweigerd omdat zij niet voldeed aan de woonvereiste zoals gesteld in artikel 91 van Pro de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW).
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak. Het geschil spitst zich toe op de vraag of appellante tussen 1 januari 1975 en 1 oktober 1976 in Nederland heeft gewoond. Appellante kon dit niet aannemelijk maken; zij stelde weliswaar dat haar kinderen een openbare school in Spijkenisse bezochten, maar leverde geen bewijsstukken aan die haar verblijf in Nederland gedurende de relevante periode bevestigen.
De Raad overweegt dat zonder voldoende bewijs geen reden bestaat om het besluit te herzien. Ook de mogelijkheid om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, die in bijzondere gevallen tot versoepeling kan leiden, acht de Raad niet aanwezig. De weigering van de Wajong-uitkering blijft daarom in stand.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Wajong-uitkering wegens het niet voldoen aan de woonvereiste in artikel 91 van de AAW.