ECLI:NL:CRVB:2004:AQ1954
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th. C. van Sloten
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- A.B.J. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens verzwegen werkzaamheden in privé-club
Appellante ontving bijstand vanaf 5 augustus 1999, maar gedaagde stelde vast dat zij werkzaamheden verrichtte in een privé-club zonder dit te melden. Na onderzoek door de Sociale Recherche, waarin observaties en een hoorzitting plaatsvonden, werd de bijstand over de periode van 5 augustus 1999 tot en met 31 maart 2000 ingetrokken en de onterecht ontvangen bedragen teruggevorderd.
Eerder was de bijstand over de periode van 1 juni 1997 tot en met 31 mei 1999 ook al ingetrokken wegens soortgelijke verzwegen werkzaamheden. Appellante had na beëindiging van die uitkering opnieuw bijstand aangevraagd, maar verrichtte opnieuw werkzaamheden in de privé-club. De Raad oordeelde dat appellante niet voldeed aan haar inlichtingenplicht, waardoor gedaagde niet kon vaststellen of zij recht had op bijstand.
De Raad achtte het aannemelijk dat appellante frequent aanwezig was in de privé-club en daar werkzaam was, mede gelet op eerdere vaststaande feiten, het onderzoek en het feit dat zij een auto ontving van de bestuurder van de privé-club. De verklaring van appellante en haar getuige werden niet aannemelijk geacht. Er waren geen dringende redenen om af te zien van intrekking en terugvordering. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van de bijstandsuitkering wegens verzwegen werkzaamheden in een privé-club.