ECLI:NL:CRVB:2004:AP1761
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering na medische herbeoordeling
Appellant, geboren in 1963 en voormalig timmerman, viel sinds 1988 uit wegens rugklachten. Na een vijfdejaarsherbeoordeling in 1999 werd zijn arbeidsongeschiktheid vastgesteld op 15 tot 25%, wat leidde tot een herziening van zijn WAO-uitkering per 29 november 1999.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar de bezwaarcommissie verklaarde de bezwaren ongegrond. De rechtbank bevestigde dit oordeel. In hoger beroep stelde appellant dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn rug- en nekklachten.
De Raad liet een onafhankelijke orthopedisch chirurg rapporteren, die de belastbaarheid van appellant bevestigde en concludeerde dat appellant in staat was de voorgelegde functies te vervullen. Op basis van dit deskundigenrapport oordeelde de Raad dat het hoger beroep ongegrond was en bevestigde het bestreden besluit.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering naar een arbeidsongeschiktheidspercentage van 15-25% wordt bevestigd.