ECLI:NL:CRVB:2004:AO9640
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- T. Hoogenboom
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag militair wegens bezit van XTC-pillen en verlenging schorsing
Betrokkene, korporaal bij de Koninklijke Luchtmacht, werd op 27 februari 2001 in een discotheek aangetroffen met vijf XTC-pillen. Hij werd veroordeeld tot een geldboete, die bij niet-betaling werd vervangen door hechtenis. Naar aanleiding hiervan werd hij geschorst door zijn commandant en later verlengd door de Staatssecretaris van Defensie. Betrokkene stelde hoger beroep in tegen de verlenging van de schorsing en het ontslagbesluit.
De Raad oordeelde dat de schorsing niet automatisch verviel na drie maanden en dat de verlenging rechtsgeldig was, mede omdat betrokkene tijdig werd geïnformeerd. Betrokkene voerde aan niet op de hoogte te zijn van het drugsbeleid binnen Defensie, maar de Raad achtte aannemelijk dat hij hierover was voorgelicht, onder meer door een instructieklas en een instructieboekje.
Hoewel de Staatssecretaris niet bijzonder voortvarend handelde in het ontslagproces, had betrokkene geen nadeel van de langere besluitvorming. Betrokkene beriep zich op zijn naïviteit en het ontbreken van opzet, maar de Raad vond dat van een militair hoge eisen aan normbesef en integriteit mogen worden gesteld. Het beroep tegen de verlenging van de schorsing werd ongegrond verklaard, terwijl het beroep tegen het ontslag werd verworpen en het ontslag bevestigd.
Uitkomst: Het ontslag van de militair wegens bezit van XTC-pillen wordt bevestigd, het beroep tegen de verlenging van de schorsing wordt ongegrond verklaard.