ECLI:NL:CRVB:2004:AO7795
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Vernietiging functiewaarderingsbesluit wegens onvoldoende motivering en niet-gehóór bij ingangsdatum
Appellant, werkzaam als hoofd Nautische Zaken bij het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, verzocht om herwaardering van zijn functie. Het bestuursorgaan wees dit verzoek toe met een ingangsdatum van 1 april 1996, maar zonder appellant te horen over deze datum. Appellant betwistte dit besluit en de rechtbank verwierp zijn bezwaren.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn grieven, met name over het ontbreken van hoorrecht omtrent de ingangsdatum en de motivering van de functiewaardering. De Raad constateerde dat appellant ten onrechte niet is gehoord over de ingangsdatum, wat strijdig is met artikel 7:2 Awb Pro. Tevens bleek dat het bestuursorgaan onvoldoende gemotiveerd had waarom het afweek van het deskundige advies van de Commissie van Advies Bezwaren Functiewaardering (CABF).
De Raad oordeelde dat het functiewaarderingsbesluit niet in stand kan blijven, stelde de waardering vast op basis van het advies van de CABF met een hogere score en bevestigde de ingangsdatum van 1 april 1996. Daarnaast veroordeelde de Raad de Staat tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan appellant.
Uitkomst: Het functiewaarderingsbesluit is vernietigd en de functie ingedeeld in schaal 9 met ingang van 1 april 1996; de Staat is veroordeeld tot proceskostenvergoeding.