ECLI:NL:CRVB:2004:AO2067
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- T. Hoogenboom
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Ontslag wegens vertrouwensbreuk na mislukte reïntegratie en afwijzing extra vergoeding
Betrokkene, een groepsleerkracht sinds 1976, meldde zich eind 1996 ziek vanwege problemen op school. Na een mislukte reïntegratie op een andere school en het ontbreken van medische arbeidsongeschiktheid, ontstond een patstelling over werkhervatting. Het College verleende ontslag op grond van een vertrouwensbreuk die voortzetting van het dienstverband in de weg stond.
De rechtbank vernietigde het ontslagbesluit vanwege het ontbreken van een motivering voor het niet toekennen van een extra vergoeding boven de uitkering op grond van het BWOO. Zowel betrokkene als het College gingen in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Raad bevestigde dat de verstoorde verhoudingen een geldige grond voor ontslag vormden en oordeelde dat het College geen overwegend aandeel had in het ontstaan van de onwerkbare situatie. De extra vergoeding was daarom niet gerechtvaardigd. Het hoger beroep van betrokkene werd ongegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het besluit tot toekenning van een extra vergoeding vernietigd.
Uitkomst: Het ontslag wegens vertrouwensbreuk wordt bevestigd zonder toekenning van een extra vergoeding.