ECLI:NL:CRVB:2003:AO6387
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- R.M. van Male
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenplicht
Appellanten ontvingen bijstand sinds 1989, die in 1997 werd omgezet naar de Algemene bijstandswet. Na signalen dat appellant werkzaam was bij een naaiatelier (TRS) voerde de gemeente Rotterdam een onderzoek uit, waaruit bleek dat appellant inkomsten had die niet of slechts gedeeltelijk waren gemeld.
De gemeente besloot daarop de bijstand over de periode 1996-1998 in te trekken en de ten onrechte betaalde bedragen terug te vorderen. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond, hoewel zij erkende dat de intrekking beter vanaf 1 juni 1996 had kunnen ingaan.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de intrekking en terugvordering niet op een volledig juiste feitelijke grondslag berusten, met name voor juli en augustus 1996. Daarom wordt het besluit van 10 oktober 2000 vernietigd en moet de gemeente een nieuw besluit nemen. De Raad bevestigt dat appellant zijn inlichtingenplicht heeft geschonden door inkomsten niet volledig te melden en dat terugvordering en intrekking gerechtvaardigd zijn, behalve voor de genoemde periode.
De Raad verwerpt het verweer dat verklaringen van appellant onder druk zijn afgelegd en veroordeelt de gemeente in de proceskosten van appellanten.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking en terugvordering van bijstand wordt vernietigd en de gemeente moet een nieuw besluit nemen.