ECLI:NL:CRVB:2003:AO5285
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- F.J.L. Pennings
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit herziening WAO-uitkering wegens onzorgvuldige vaststelling belastbaarheid
Appellant maakte bezwaar tegen een besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) dat zijn WAO-uitkering herzag en zijn mate van arbeidsongeschiktheid verhoogde van 15-25% naar 35-45%. De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond wegens het nalaten van het inwinnen van medische informatie bij de behandelend psycholoog van appellant. Na een nieuw besluit dat het bezwaar opnieuw ongegrond verklaarde, werd dit door de rechtbank bevestigd. In hoger beroep betwist appellant de vastgestelde belastbaarheid en overlegt een brief van zijn behandelend psycholoog.
De Raad hechtte doorslaggevende waarde aan het rapport van de door de rechtbank geraadpleegde psychiater Van Ittersum, die geen aanwijzingen voor psychiatrische ziekte vond en de belastbaarheid zoals vastgesteld door de verzekeringsarts onderschreef. De eigen niet-medisch onderbouwde klachten van appellant werden niet gevolgd. Wel oordeelde de Raad dat het UWV onzorgvuldig heeft gehandeld door functies met toeslag voor wisseldiensten mee te nemen in de berekening van het maatmanloon, terwijl appellant geen toeslag voor afwijkende werktijden ontving.
De Raad concludeert dat het besluit in strijd is met het zorgvuldigheidsbeginsel (art. 3:2 Awb Pro) en vernietigt het bestreden besluit. Het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellant.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.