ECLI:NL:CRVB:2003:AO0381
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Gedifferentieerde premie WAO gebaseerd op betaalde uitkering en vaststelling eerste arbeidsongeschiktheidsdag
De zaak betreft een hoger beroep van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam over de vaststelling van de gedifferentieerde premie WAO voor het jaar 2000.
De gedifferentieerde premie is gebaseerd op de betaalde WAO-uitkering aan een (ex-)werkneemster. Gedaagde stelde dat de uitkering ten onrechte was toegekend, met name vanwege een onjuiste vaststelling van de eerste arbeidsongeschiktheidsdag. De rechtbank had het beroep gegrond verklaard en oordeelde dat artikel 87e van de WAO niet belette dat de juistheid van de eerste arbeidsongeschiktheidsdag in bezwaar of beroep kon worden beoordeeld.
De Centrale Raad van Beroep volgt dit oordeel niet en stelt dat artikel 87e WAO expliciet uitsluit dat in een procedure over de gedifferentieerde premie grieven over de toekenning of hoogte van de WAO-uitkering, waaronder de ingangsdatum, kunnen slagen. Alleen in een procedure over de uitkering zelf kunnen dergelijke grieven worden behandeld. Ook het argument dat telefonisch onjuist advies was gegeven, leidt niet tot een andere conclusie.
De Raad vernietigt daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van gedaagde ongegrond. De vaststelling van de gedifferentieerde premie blijft daarmee in stand.
Uitkomst: Het beroep van gedaagde wordt ongegrond verklaard en de vaststelling van de gedifferentieerde premie WAO blijft gehandhaafd.