ECLI:NL:CRVB:2003:AM3309
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. 't Hooft
- R.M. van Male
- W.M. Levelt-Overmars
- Rechtspraak.nl
Beoordeling adequaatheid en goedkoopheid van vervoersvoorziening auto in bruikleen voor gehandicapte
Appellanten hebben bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van hun aanvraag voor een auto in bruikleen voor hun gehandicapte dochter Sharisse op grond van de Wet voorzieningen gehandicapten (Wvg). De gemeente Borculo had de aanvraag afgewezen omdat er volgens medisch advies goedkopere en adequate alternatieven beschikbaar zijn, zoals vervoer per rolstoeltaxi met een stoelverhoger en gebruik van een buggy en driewielfiets.
De rechtbank Zutphen heeft het beroep van appellanten ongegrond verklaard, waarbij werd overwogen dat de medische adviezen van de GGD-regio's Achterhoek en Twente betrouwbaar zijn en dat de situatie van Sharisse binnen de directe leefomgeving adequaat kan worden ondersteund met de genoemde voorzieningen onder begeleiding. De rechtbank vond geen reden om af te wijken van het standpunt dat een auto in bruikleen niet noodzakelijk is.
In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep het oordeel van de rechtbank bevestigd. De Raad hechtte zwaar aan de medische onderzoeken en concludeerde dat Sharisse zich binnen haar woonomgeving kan verplaatsen met de bestaande voorzieningen en begeleiding. De Raad benadrukte dat de Wvg alleen aanspraak geeft op de goedkoopst adequate voorziening en dat het bredere belang van het gezin niet tot een andere uitkomst kan leiden.
De Raad wees ook op het belang van het beperken van de voorzieningen tot het directe woon- en leefmilieu en dat de aanvraag voor een auto in bruikleen niet in overeenstemming is met de criteria van de Wvg. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat voor Sharisse andere adequate en goedkopere vervoersvoorzieningen beschikbaar zijn dan een auto in bruikleen en wijst het hoger beroep af.