ECLI:NL:CRVB:2003:AM0202
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. 't Hooft
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- Rechtspraak.nl
Beoordeling subsidiëring huishoudelijke hulp en adviesplicht College voor zorgverzekeringen
De zaak betreft een geschil over de vergoeding van huishoudelijke hulp aan gedaagde, waarbij appellant het bezwaar van gedaagde tegen een besluit tot terugbrengen van de vergoeding ongegrond verklaarde. De rechtbank had het besluit vernietigd omdat appellant geen advies had ingewonnen bij het College voor zorgverzekeringen (CVZ), zoals vereist volgens artikel 58, eerste lid, AWBZ.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat de Regeling Ziekenfondsraad subsidiëring voortzetting vergoedingen voor huishoudelijke hulp een beleidsregel is en dat de besluiten op grond daarvan niet op de AWBZ berusten. Hierdoor is artikel 58 AWBZ Pro niet van toepassing en was appellant niet verplicht advies te vragen aan het CVZ.
De Raad bevestigt dat het Regionaal Indicatie Orgaan Eemland (RIO) beoordelingsvrijheid heeft bij het vaststellen van indicatiemaatstaven en dat het advies van het RIO terecht aan het besluit ten grondslag is gelegd. De Raad vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: De Centrale Raad verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat geen adviesplicht aan het College voor zorgverzekeringen bestond.